Epiphany

Themanummer: ‘Feeling good’ door George Michael

Fish in the sea
You know how I feel
River running free
You know how I feel
Blossom on the tree
You know how I feel
It’s a new dawn
It’s a new day
It’s a new life
For me
And I’m feeling good

Ik droom er al mijn hele leven van om een boek te schrijven, maar het was zo een van die projecten die niet van de grond kwam en waar ik ook wel een beetje bang voor was. Stel dat ik het me niet lukte, dan moest ik mijn droom opgeven…

Vorige week zat ik nietsvermoedend in de zetel naar de tv te kijken en plots kreeg ik een epiphany – een openbaring. Ik wist ineens waar mijn boek over zou gaan. Een aantal zaken had ik al beslist: ik zou een detectiveroman schrijven die zich afspeelt in Engeland, aan de kust, waarin een vrouwelijke detective de hoofdrol speelt. Ik zou een wereld scheppen waarin ik mij goed zou voelen, waar ik zelf graag deel van zou uitmaken, met kleurrijke personages en een prachtig ongerept landschap. En nu had ik plots ook een misdaad in gedachten.

Deze openbaring heeft een rollercoaster aan hersenactiviteit en emoties in gang gezet. De doos van Pandora is geopend en ik denk koortsachtig na over waar, wie, hoe, wat, wanneer… Het is heerlijk bevrijdend en beangstigend beklemmend tegelijk. Mijn vriend spreekt bvb tegen me en ik hoor maar de helft want er valt me plots een idee in. Of ik lig wakker omdat ik mijn hersenen niet gekalmeerd krijg. De krant lezen is plots onmogelijk; ik kan me eenvoudigweg niet concentreren. Overal ontwaar ik motieven voor moord, mogelijke twists voor de plot en er vliegen zoveel ideeën rond in mijn hoofd dat ik ze allemaal niet gestructureerd krijg.

Normaal twijfel ik enorm aan mezelf en zou ik zo bang zijn om te falen dat ik het mogelijks zou opgeven. Maar nu twijfel ik geen moment, het heeft gewoon zo moeten zijn en ik accepteer mijn lot. Eindelijk doe ik wat ik al jaaaren wil doen maar nooit aandurfde. Bangelijk.

Ik hoop wel dat mijn adrenalineniveau met de tijd opnieuw zal dalen en dat ik terug meer rust vind. Vandaag ben ik alvast begonnen met het structureren van de stapel ideeën en informatie die ik tot nu toe bijeengesprokkeld heb. Het is vermoeiend maar ook enorm plezant en ik voel me voor het eerst sinds lang terug een volledig mens, met een doel in haar leven. Wanneer ik nu buitenstap voel ik me niet minder dan de anderen of verloren in een maatschappij waarin iedereen zijn plaats lijkt te hebben en ik me altijd een buitenstaander voelde. It feels bloody good.

 

Advertenties

Rauw

Themanummer: ‘Don’t give in’ van Snow Patrol

Don’t give in
Don’t you dare quit so easy
Give all that you got on the soul
Don’t say that you want it forever
I know, I know
It’s in your blood
And it’s in your making
So don’t hold your tongue
‘Cause it’s, it’s no longer working
Don’t fall on your sword
Just follow your instinct
Like an old lesson learned
Like an old lesson learned

 

Ik voel me verdrietig en leeg. Ik heb zaterdag met Nick gesproken en het was een heel leerrijk en intens gesprek. Achter mijn obsessie zit een groot Verdriet verborgen, nl het verdriet er niet te mogen zijn, het verdriet dat mijn ouders en anderen mij hebben afgewezen om wie ik ben, dat ik niet genoeg ben. De reden dat het het laatste jaar zo fel de kop opsteekt is dat een vriendin van mij precies datgene is wat mijn ouders wilden dat ik was, en dat die confrontatie zo pijnlijk is dat ik wegvlucht. Ik probeer me kleiner te maken (dik, waardeloos…) in de hoop de afwijzing binnen te perken te houden. Maar zo doe ik mezelf geweld aan en het verdriet wordt er niet minder om.

Wat ik nu moet doen is het verdriet er laten zijn, niet wegrennen en me verstoppen, maar de ‘exposure’ aangaan. Heel moeilijk en lastig, zoals ik deze ochtend merkte. Mijn darmen sloegen op hol, ik was afgeleid en zenuwachtig en wou weglopen. Maar ik ben gebleven, heb alles laten zijn en ben nu alleen thuis en een beetje ellendig.

Ik herinner me nog het rouwproces n.a.v het overlijden van mijn lieve bomma. Zeven jaar lang ben ik ervan weggelopen, tot ik in de veiligheid van de therapie de eerste voorzichtige stappen richting ‘het in de ogen kijken’ zette en van daaruit alleen verder kon. Zo weet ik dat verdriet in de ogen kijken met pieken en dalen gaat en een proces van lange adem is. Er komen kwaadheid bovendrijven, frustratie, spijt… Het is erg complex, maar ik denk dat dit nu op mijn pad is gekomen omdat ik er klaar voor ben om deze berg te beklimmen.

Stapje voor stapje dus, op mijn eigen tempo, en met de steun van mijn psy en mijn vriend. Ik geraak er wel. Ik heb al zoveel overwonnen en doorworsteld dat ik genoeg in mezelf geloof om ook deze grote stap te zetten.

Nieuwe inzichten

Themanummer: ‘Through’ van George Michael

 ‘It’s so clear to me now
I’ve enough of these chains
Life is there for the taking
What kind of fool would remain in this, in this cheap gilded cage
I’ve no memory of truth
But suddenly the audience is so cruel
Oh God, I’m sorry

Het was een lange nacht… De voorbije twee dagen heb ik afgezien van het geschreeuw van mijn IC, van mijn twijfels en zelfkastijding. Vannacht werd ik rond 4u wakker en heb ik veel nagedacht.

Ten eerste denk ik terug aan de woorden van mijn psy dat ik deze weken nog zou afzien van wat er tussen mij en mijn vriend gebeurde ivm het overschrijden van mijn grenzen. Hij heeft gelijk gekregen. Verder heb ik hulp ingeroepen en raad gekregen die ik moest laten bezinken. En tenslotte is mijn brein koortsachtig in het verleden gedoken om wat ik nu voel af te toetsen aan oudere ervaringen en melt-downs.

Uiteindelijk heb ik beseft dat ik eerst en vooral contact moest maken met mijn kindje om haar te troosten en van de grond te schrapen. Ik lag in bed en visualiseerde hoe ik mijn vijfjarige zelf troostte, haar traantjes afveegde en in mijn armen nam. Ik probeerde haar warmte te geven en mijn liefde over te brengen. Zie jezelf graag zoals je je hondje graag ziet, zei mijn vriendin gisteren. Dat vond ik prachtig advies, want het gaat om een hoop diepe onvoorwaardelijke liefde!

Stilaan ben ik dan gekalmeerd en terug ingeslapen, om te dromen van mijn ouders die me thuis warm verwelkomden en mijn moeder die me oprecht in haar armen sloot. Ik voel de warmte van haar knuffel nog en hoe er een ton gewicht van me afviel. Helaas was het een (wens)droom. Ik werd wakker met hoofdpijn en een algehele sufheid die me eigenlijk deugddoet, want diep nadenken lukt nu toch niet…

Volgens Nick (mijn hulpbron) heeft mijn obsessie met dik zijn te maken met angst voor afwijzing van wie ik ben. De obsessie is als het ware een omweg rond het echte obstakel. Mijn lichaam is een pars pro toto voor mijn ‘zijn’, een metafoor voor mijn diepste ik die doodsbang is om zich te tonen omdat ze in het verleden al vaak gestraft is met afwijzing en vernedering precies om wie ze is.

Hoe het nu verder moet weet ik niet. Ik ben momenteel te moe om er verder op in te gaan. Ik laat het even rusten en negeer mijn IC zoveel mogelijk. Hij heeft me er weer toe verleid met hem te vechten en dat gevecht win je nooit.

 

Dag nul

Themanummer: ‘Qui a le droit?’ Van Patrick Bruel

On m’avait dit: Te poses pas trop de questions
Tu sais petit, c’est la vie qui t’ répond
A quoi ça sert de vouloir tout savoir?
Regarde en l’air et voit c’ que tu peux voir
On m’avait dit Faut écouter son père
Le mien a rien dit, quand il s’est fait la paire
Maman m’a dit T’es trop petit pour comprendre
Et j’ai grandi avec une place à prendre
Qui a le droit, qui a le droit
Qui a le droit d’ faire ça
A un enfant qui croit vraiment
C’ que disent les grands
On passe sa vie à dire merci
Merci à qui, à quoi
A faire la pluie et le beau temps
Pour des enfants à qui l’on ment’

 

Vandaag is een kille, natte dag en ik besloot om een film op te zetten. Ik wilde ‘Still Alice’ zien, een film met Julianne Moore over een hoogopgeleide vrouw die op zeer jonge leeftijd alzheimer krijgt. Niet bepaald een komedie, maar wel een mooie film. Hij deed me beseffen dat het leven kort is en dat er op elk moment een bom kan inslaan, dus je kan maar beter in het moment leven en de teerling zo werpen dat hij in je voordeel valt.

Na de film bleef ik verweesd achter. Fuck. Ik loop rond met een bom in mij en ik loop iedere dag op kousevoeten opdat hij niet af zou gaan. Dit kan zo niet langer, ik moet hulp zoeken. En dus gooide ik een schreeuw om hulp het universum in, naar iemand die ik impliciet vertrouw.

De bom in kwestie is mijn steeds groeiend complex over mijn lichaam. Althans, aan de oppervlakte gaat het over mijn lichaam, maar het probleem zit veel dieper dan dat. Ik voel me dik, en dat staat voor mij gelijk aan waardeloos (geldt alleen voor mezelf, anderen beoordeel ik zo niet). Het is een echte obsessie geworden, ik vergelijk me constant met andere vrouwen, zie niks anders meer dan andere lichamen en ik ben de hele dag bezig mijn complexen te verdringen zodat het leven toch nog een beetje leefbaar is. Ik word daar zo moe van, voel me zo leeg en verdrietig. Te leeg om te wenen, te verdrietig en beschaamd om hulp te zoeken. Tot nu.

Plots voel ik me enorm moe, mijn lichaam voelt zwaar en uitgeput aan, alsof ik na een marathon te lopen plots stilsta. Maar waar naartoe? Ik weet het niet meer. Dit gaat mijn begrip te boven, ik kan dit niet alleen oplossen. Vandaar mijn schreeuw om hulp.

Herademen

Themanummer: ‘Teddybeer’ van Herman Van Veen

Maar ik heb nu zo’n koud gevoel 
als ik nooit eerder heb gehad, 
want iemand heeft mijn teddybeer, 
mijn beertje van mijn graf gejat.’

Ik heradem. September nadert, de temperatuur daalt, de herfst kondigt zich aan en ik voel me stilaan herleven. ‘Het seizoen’ is bijna achter de rug en de drukte neemt af in het dorp. Nog een paar weken en ik kan mijn leven hernemen zoals ik het graag heb.

Dit weekend moest ik een moeilijke horde nemen. Ik beschouw mijn huis als mijn cocon en mijn veilige plekje op de wereld. Stap hier binnen en je ziet wie ik ben. Daarom nodig ik hier alleen mensen uit bij wie ik me echt goed en veilig voel. Maar dit WE kwam mijn schoonfamilie langs en laat ons zeggen dat ik me bij hen verre van veilig voel. Mijn vriend had aangedrongen dat we hen zouden uitnodigen en ik was overstag gegaan. Naarmate de dag naderde voelde ik me slechter en slechter en werd ik kwaad op mijn vriend omdat hij me dit bezoek opgedrongen had.

Met mij slecht voelen bedoel ik dat ik buikpijn had en dat ik me weer dik en lelijk ging voelen. Offers die ik niet wil brengen op het altaar dat ‘familie’ heet. Op de dag zelf heb ik me vermand en me verschanst achter mijn masker. Ik voel me nu eenmaal slecht wanneer er over koetjes en kalfjes gebabbeld moet worden – ik zet me liever in een hoekje met een goed boek – en wanneer ik me overvallen voel in mijn ruimte. Puur objectief gezien is er niks ergs gebeurd en vloog de dag voorbij, maar emotioneel was het voor mij zwaar en nodeloos belastend.

Het is moeilijk voor de meeste mensen om dit te begrijpen, maar van mijn vriend verwacht ik meer dan van ‘de mensen’. We hebben er samen over gepraat en we zijn er uitgeraakt, maar ik wil dit soort situaties in de toekomst vermijden. Waarom zou ik me geweld laten aandoen? Waarom werd ik weer niet gehoord? Dat moet maar eens gedaan zijn. Ik bepaal zoveel mogelijk zelf mijn grenzen en dus ook wanneer ik ze verleg. Dat is proces waarin ik groei en nog veel te leren heb, en dit WE heb ik dus weer wat bijgeleerd.

 

Muurtje bouwen

Themanummer: ‘There’s a road (Noorderlaan)’ van Admiral Freebee

First they teach you how to walk
But you really wanna run
They tell you how to swim
But you don’t know how it feels to drown
So back for an act
Cos you’re life has only just begun
Here you’ve got your victory
Go ahead and take it, I don’t need it
Cause there’s a road out in the north
Yeah I took it a several times
And I might take it tonight

De voorbije dagen waren zwaar. Mijn IBS is in vrije val, mijn rug doet pijn, ik voel me mentaal niet stabiel en zonder me af om te overleven.

Het lijkt momenteel wel alsof er nauwelijks een grens bestaat tussen mezelf en de wereld rondom mij. Ik word overweldigd en grijp terug naar oude reddingsstrategieen om een muurtje te bouwen ter afgrenzing. Ik zoek afzondering op, vermijd drukke plaatsen en winkels en ik sluit de gordijnen om het huis prikkelvrijer te maken. Ik begraaf me in een veilig boek, kijk veilige tv en structureer mijn dagen netjes om orde aan te brengen in de emotionele chaos.

Ik ben tevreden dat het een beetje verlichting brengt, het is fijn om op mijn ervaring te kunnen terugvallen nu het wat moeilijker gaat. Het is vandaag gelukkig wat frisser en minder zonnig. Ook dat brengt rust. Ik kon vanmorgen de auto nemen zonder drijfnat van het zweet uit te stappen (geen airco) en zelfs dat deed me deugd. Ik mis mijn leven. Ik heb het gevoel dat ik aan het kamperen ben op een overbevolkte camping vol Hollanders. Need I say more?

 

Patstelling

Themanummer: ‘Last Flowers’ van Radiohead

And if I’m gonna talk
I just want to talk
Please don’t interrupt
Just sit back and listen…
It’s too much, too bright, too powerful
Too much, too bright, too powerful

De lyrics van dit nummer vatten het perfect samen. Het is teveel, te helder, te sterk. De intensiteit van de zomer is te hoog, de sterkte van het licht te groot en het overweldigt me. Ik word verblind door het licht, ik voel me als een schichtig dier zonder veilig nestje.

Het resultaat is dat ik overloop van de emoties, de prikkels, de rusteloosheid. Mijn eigen gedachten overprikkelen me, net als de mensen rondom mij. Ik voel mijn eigen grenzen niet meer goed aan, alsof ze weggesmolten zijn door de warmte. Mijn lichaam staat ook onder druk; ik heb rugpijn, mijn buik is overgevoelig en ik slaap slecht.

Ieder jaar ga ik in de zomer door zo’n dip en dit jaar is niet anders. Ik sprak er net over met mijn beste vriendin en zij herkende de overweldigende kracht van de zon en de warmte op het gemoed. Nochtans lig ik graag in de zon en houd ik van mooi weer. Maar dit jaar is het te warm en duurt het te lang. Morgen gaan we naar het strand om verkoeling op te zoeken en ik hoop dat dat mij deugd zal doen.

-=-=-=-=-

Vorige week kreeg ik een mail van mijn moeder. Ze liet me weten dat ze het spijtig vond dat de laatste vier contactloze jaren verloren tijd waren. Tja, ik kan daar niks op zeggen. Ik ben in die tijd rechtgekropen uit het dal, dus voor mij zijn het net hele vruchtbare jaren geweest. Ieder zijn perspectief, zeker?

-=-=-=-=-

Gisteren kwam een vriendin langs met heel slecht nieuws. Haar man heeft terminale kanker. Als een sloophamer die tegen je voorhoofd knalt. Ik kan het niet bevatten, wat zij nu doormaken. Er is ook weinig dat je kan doen, ze hebben nu ruimte en rust nodig om te bekomen en recht te krabbelen. Het nieuws is wel hard aangekomen bij ons en ik kan het momenteel geen plaats geven. Het komt mee op de hoop ‘emotionele chaos‘ in mijn hoofd terecht. Morgen ga ik naar de psy en daar kan ik misschien alles eens op een rij zetten. Ik hoop het voor mezelf, want ik kan wel wat ruggesteun gebruiken.